De man
De regen tikte tegen het dak.
De wind had vrij spel rond het huis en bonste er bij elke vlaag tegenaan.
Wanneer je naar buiten keek zag je al veel kleurige bladeren op de grond liggen. De grond vertrapt door de vele voetstappen die de man al buiten had gezet.
Nu zat de man binnen.
Verzonken in zn eigen wereld.
Zijn gedachten gingen terug naar die ene dag. Hij had haar ontmoet die dag. Bij elke opmerking van haar ging zijn hart sneller kloppen. Hij was betoverd door de blik in haar ogen.
Nu keek hij voor zich uit en liet elke herinnering aan haar voorbij gaan.
Weer ging zijn hart sneller kloppen bij de gedachte aan haar. Ze hadden die dag kunnen praten over moeilijkheden. Over geliefden van elkaar. En ondertussen voelde ze zich allebei compleet op hun gemak merkte hij op.
Verlangend keek hij naar de regendruppels op het raam. Vandaag zou ze weer komen. Het zou zijn alsof de zon weer zou schijnen in zn eenzame huisje. Zag hij daar het licht van haar auto door de regen heenkomen?
Hij stond moeizaam op. Zn knieen deden zeer. Maar voetje voor voetje bereikte hij het raam.
Het gordijn naast het raam was oud geworden in de jaren dat hij hier woonde. Daar had hij nu geen oog voor. De auto kwam dichterbij.
Na een minuutje zo te hebben gestaan kon hij ontdekken wie er achter het stuur zat. Hij zag met zijn oude ogen dat er een vrouw zat. Verheugd sprong zn hart weer op.
De vrouw had lang donker haar. Ze was niet de slankste maar dat vond hij toch niet het ideaalbeeld. Hij wist dat hij weer verzonken zou zijn in haar prachtige lach. In haar ogen die straalden als ze tegen hem sprak.
Ze stapte uit en rende door de regen naar zn voordeur. Een lach bereikte zn gezicht toen hij haar zag rennen. Ze zwaaide. Voetje voor voetje ging hij naar de voordeur. Hij had haast om de deur voor haar open te doen.
Zijn haast werd beloond. Toen hij de deur opentrok gaf ze hem haar prachtige lach. Meteen was hij weer als was in haar handen. Ze zei dat hij maar lekker moest gaan zitten en vroeg hem hoe het ging. Ze ging aan het werk. Rustig ging hij verder met zn verhaal dat de vorige keer niet af was. Ze luisterde naar hem. Dat maakte dat er weer een warm gevoel door zn hart kroop.
